| Mergellandtocht 2006 Zaterdag 9 september. 's Ochtends in alle vroegte (kwart voor zes) verzamelden een aantal fanatieke fietsers zich bij de Kamphal om met drie auto's, waaronder een hagelnieuwe bus beschikbaar gesteld door VIKA voor de meeste fietsen, af te zakken naar het heuvelachtige zuiden voor de naar dertiende Mergellandtocht. Helaas voor de organisatie die in handen was van Martijn waren er maar acht deelnemers. We waren het er wel over eens dat deze opkomst voor een club met ruim honderd leden wel erg mager was. De groep bestond uit Martijn Veluwenkamp, Henk Veluwenkamp, Gradus Struik, Jan van Oene, John Oerlemans, Bouke Bunink, Mies Ramaker en ondergetekende. Na een korte plas- en koffiepauze bij een schijnbaar bekende benzinepomp in Kessel zijn we rond half negen vertrokken uit Geulle. Er werd me door de ervaren rotten, iedereen behalve ikzelf, verteld dat de eerste tien kilometers zich leenden om warm te draaien. Als de eerste officiële heuvel van de lijst bedwongen moet worden blijkt dat Limburg toch wat anders is dan bijvoorbeeld "de Knobbel". En dit was nog een van de lichtere heuvels, dus dat beloofde nog wat. De overige "cols" werden beklommen met hulp en adviezen van de ervaren krachten. Waarvoor bij deze nog hartelijk dank. Onderweg hebben we geweldige vergezichten gezien en werden we ook fanatiek aangemoedigd door de wandelaars die in groten getale hun hobby aan het uitoefenen waren. Na een klein stukje door België gereden te hebben was het tijd voor een welverdiend stuk vlaai met koffie. Ik kreeg te horen dat als ik dacht dat het eerste gedeelte zwaar was, het nu tijd werd om mijn borst maar goed nat te maken: de zwaarste klimmen moesten nog komen. De beruchte Eyserbosweg, de Keutenberg en de Cauberg stonden nog in het vooruitzicht. Er was geen woord van gelogen, het was zwaar. Maar elke keer dat ik weer boven kwam was het een soort overwinning op mezelf. Met als beloning een afdaling, waar ik door de snellere klimmers geholpen werd om weer bij de groep aan te haken. Volgens de officiële lijst was de Cauberg de allerlaatste klim. Je denk dat je het gehad hebt, maar dan blijken er toch nog twee verrassingen te zijn in de vorm van twee echte kuitenbijters die toch wel voor het predikaat klim in aanmerking komen. Na hier over heen gekomen te zijn ging het al snel richting vliegveld en vanaf daar naar Geulle waar tot slot nog een hele mooie, maar gevaarlijke afdaling moest worden afgewerkt. Rond een uurtje of drie, half vier waren we weer terug bij de auto. En toen was het tijd voor de welverdiende afsluiting: een flinke portie patat bij een bekende frituur. Ik kijk terug op een zware maar bijzonder mooie en gezellige tocht die ik volgend jaar zeker weer wil proberen te rijden. En ik hoop met mij nog vele anderen zodat we met een grote groep richting Limburg kunnen. Wilfred van den Hoorn |